Registratieregeling Psycholoog-trainer

Nederlands Instituut van Psychologen
Amsterdam
2001

Inhoud

Paragraaf

1. Inleiding


2. Het professionele domein van de psycholoog-trainer
2.1 Organisatie-advies
2.2 Psychotherapie
2.3 Onderwijs/opleiding
3. Professionele ontwikkeling: het medior-niveau
4. Vooropleidingseisen
5. Vereisten voor registratie
5.1 Co-trainersschap
5.2 Werken als zelfstandig trainer
5.3 Supervisie
6. Geldigheidsduur van de registratie
7. Registratiecommissie
8. Bezwaar en beroep
9. Vragen
Bijlage I: vakkenpakket en relevantie voor de registratieroute

 

1. Inleiding

Op 1 april 1994 ging de Registratieregeling voor Gedragswetenschappelijk Opgeleide Trainers van start. Inmiddels is deze regeling herzien, het resultaat hiervan is weergegeven in deze brochure. Reden van de herziening was dat de registratievereisten niet meer pasten bij wat van een geregistreerd psycholoog-trainer verwacht mag worden. Bovendien valt de herziening van de regeling samen met het verstrijken van de eerste termijn van inschrijvingen in het register (7 jaar). Met de nieuwe vereisten is gekozen voor een nieuwe naam: Registratieregeling Psycholoog-trainer.
De huidige registratieregeling is van kracht per 1 september 2001 bij besluit van het Hoofdbestuur van het NIP d.d. 10 mei 2001.

2. Het professionele domein van de psycholoog-trainer

De psycholoog-trainer stelt zich ten doel een bijdrage te leveren aan meer effectieve sociale interacties van deelnemers aan trainingen; hij/zij doet dit door veranderingen te induceren van hun gedrag en/of beleving, in een sociale context. De aard van die veranderingen is enerzijds aan te duiden in termen van de ontwikkeling van een realistischer zelfbeeld; anderzijds als een herkadering van het beeld dat deelnemers van zichzelf en van anderen hebben, en dat tot dusverre leidde tot minder effectieve interacties.
Hij/zij baseert zich hierbij op praktijktheorieën over hoe mensen veranderen; daarbij gaat het enerzijds om de effecten uitgaande van het ontwerp van een training – de (im-)materiële randcondities van een training, de struktuur van het programma, de samenstelling van de groep(en) deelnemers, en de aard van de programmaonderdelen. Anderzijds om de concrete interventies, waardoor aan de deelnemers middelen worden aangereikt om gedrag/beleving te veranderen. In het algemeen zijn die interventies te kenmerken als procesmatig, dat wil zeggen dat ze gericht zijn op aspecten van sociale interacties van en/of tussen deelnemers.
In het geval van trainingen met een open inschrijving dient de groep (en de sociale interacties die zich daarin voordoen) als hulpmiddel; bij training van bestaande groepen vormen de sociale interacties een direct richtpunt voor beïnvloeding.

Het professionele domein van de psycholoog-trainer raakt aan of vertoont overlap met andere professionele domeinen:
2.1. organisatieadvies;
2.2. psychotherapie;
2.3. onderwijs/opleiding.

 

2.1. Organisatieadvies
Organisatieontwikkelingstrajecten zijn in het algemeen gericht op het ontwerp en implementatie van veranderingen in samenwerkingsprocessen. Psycholoog-trainers kunnen met name bij de implementatie van veranderingen worden ingezet, bijvoorbeeld door de begeleiding van groepen. Zij dienen in staat te zijn zich te vergewissen of er met betrekking tot een succesvolle begeleiding sprake is van adequate organisatorische condities, en – als daarvan geen sprake is – een en ander te beargumenteren.
Anderzijds, mochten problemen van deelnemers aan open trainingen te beschouwen zijn als een resultante van krachten in een ruimere organisatorische context, en mocht de leeropbrengst daardoor sterk gereduceerd worden, dan is het wezenlijk dat de psycholoog-trainer in staat is zich daarvan bij een intake te vergewissen (en twijfels helder te articuleren) dan wel tijdens een training daarop adequaat in te spelen.
Een en ander impliceert dat de psycholoog-trainer over kennis en inzicht beschikt omtrent (in het eerste geval) organisatieontwikkelingsprocessen, en in het tweede geval omtrent samenwerkingsprocessen in organisaties.

2.2. Psychotherapie
De psycholoog-trainer houdt zich bij het werk bezig met menselijke problemen, en heeft dat met psychotherapeuten gemeenschappelijk. Afhankelijk van de praktijktheorie die hij/zij bezigt, is die overeenkomst groter of kleiner.
De psycholoog-trainer dient zich echter te beperken tot interventies bij problemen met een situationeel karakter; bij meer integrale problemen verwijst hij/zij naar het domein van de psychotherapie. Hij moet wel kunnen coachen op individueel niveau omdat in een groepstraining leerprocessen voorkomen die voor een deel individueel zijn. Individuele coaching heeft een plaats bij pre- en after-trainingsoverleg met deelnemers.
Een en ander impliceert dat de psycholoog-trainer beschikt over psychopathologische en psychodiagnostische kennis en inzicht, en over begeleidingsvaardigheden om beargumenteerd te verwijzen, dan wel af te stemmen op wat voor deelnemers tijdens trainingen wèl haalbaar is.

2.3. Onderwijs/opleiding
Psycholoog-trainers en opleidingskundigen hebben gemeen dat zij zich bezig houden met menselijk leren; beiden zullen een aantal beginselen van leren in acht nemen, bijvoorbeeld bij programmering en presentatie van theoretische concepten, bedoeld om te bereiken dat de deelnemers hun leerervaringen in een helder kader kunnen plaatsen.
Als de relevante leerdoelen zijn op te vatten als een vergroting van het meer technisch/theoretisch niet (goed) kunnen en kennen wordt verwezen naar relevante professies. Men mag er immers van uit gaan dat bij de correctie op gedragsalternatieven bij het meer technischtheoretisch leren een leerling gebaat is bij een leraar die zelf over de kennis of vaardigheid beschikt (naast pedagogische sensitiviteit).


3. Professionele ontwikkeling: het medior-niveau

Onderstaand een afbeelding van de niveau’s in het ontwikkelingstraject van trainers: junior, medior, senior en promotor/director.

Dit schema geeft de diverse niveau’s weer waarop de psycholoog-trainer werkzaam kan zijn: junior, medior, senior en promotor/director. Het niveau waarop de psycholoog-trainer die geregistreerd Psycholoog-trainer is zich beweegt, is het medior niveau. Dat wil zeggen dat bij aanvang van de registratieroute het junior niveau aanwezig wordt geacht. Dit junior niveau houdt in (zie de onderste twee blokken):
• perfectioneren van deel-activiteiten;
• vergroten van methodisch repertoire;
• afstemmen op collega’s en superieuren;
• bijstellen van de eigen activiteiten.
De geregistreerd Psycholoog-trainer is werkzaam op het medior niveau. Dat houdt in dat aan het eind van het traject hij/zij beschikt over de vaardigheden die in de belendende vier blokken vermeld worden:
• onderscheid kunnen maken tussen de diverse disciplines (zie paragraaf 1);
• binnen het eigen domein over de volgende vaardigheden beschikken:
• kunnen beoordelen of door middel van de vraag het probleem juist verwoord is, dit voor/tijdens/na de training (in die zin sturend optreden naar de deelnemer(s));
• kunnen beoordelen of dit probleem door middel van training is op te lossen;
• expliciteren van het probleem naar de deelnemer(s);
• kunnen beoordelen of de eigen deskundigheid als medior voldoende is voor het succesvol uitvoeren van een training voor het gestelde probleem;
• kunnen doorverwijzen naar hetzij het senior niveau hetzij andere disciplines indien nodig;
• kunnen definiëren van de aard van het probleem: organisatorisch danwel persoonsgebonden enzovoort;
• kunnen begeleiden van de toepassing door deelnemer(s) van het geleerde in de organisatie.



4. Vooropleidingseisen

Als vooropleiding voor de registratieroute is vereist een doctoraal diploma psychologie met speciale eisen aan het vakkenpakket. Deze vakken zijn:
• leertheorieën
• groepsdynamica
• gespreksvoering/gesprekstechnieken
• trainingstheorieën
• psychopathologie
• methodologie van de evaluatie
• arbeids- en organisatietheorieën

In bijlage I is van elk vak opgenomen wat daarvan de inhoud dient te zijn, plus een motivatie van de relevantie van dit vak als vooropleidingseis voor de registratieregeling tot Psycholoog-trainer.

5. Vereisten voor registratie

Om geregistreerd te kunnen worden als Psycholoog-trainer worden eisen gesteld inzake co-trainerschap, zelfstandig werken als trainer en supervisie.

5.1 Co-trainersschap
De opleideling dient gedurende een periode van twee jaar als co-trainer werkzaam te zijn geweest, voor 60 dagdelen per jaar, onder de leiding van een geregistreerd Psycholoog-trainer. Aan het co-trainerschap worden de volgende eisen gesteld:


5.1.1 Co-trainersschap betreft het onder begeleiding en verantwoordelijkheid van geregistreerde Psycholoog-trainers werken in trainingssituaties waarbij direct contact bestaat met de deelnemers aan de training. Als co-trainer participeert u in alle onderdelen van de training. Tijdens de functie van co-trainer worden regelmatig nabesprekingen gehouden met de voor de training verantwoordelijke trainer(s) waarbij ook het functioneren van de co-trainer ter sprake komt.

5.1.2 Het co-trainersschap moet worden vervuld bij ten minste twee verschillende geregistreerde Psycholoog-trainers en in tenminste twee qua soort verschillende trainingssituaties en zo mogelijk in twee verschillende organisaties.

5.1.3 Aan het eind van een periode van co-trainersschap wordt een evaluatieverslag gemaakt. In het evaluatieverslag wordt een overzicht gegeven van de opzet en duur van de trainingen, de aard van de werkzaamheden van de trainer en de co-trainer, zijn/haar functioneren tijdens het co-trainersschap, de hoeveelheid tijd in dagdelen die de co-trainer aan zijn/haar werkzaamheden heeft besteed, en een oordeel gegeven over de geschiktheid van de betrokkene voor het werk van trainer. Bij de aanvraag voor registratie moeten de evaluatieverslagen van de doorlopen co-trainersschappen worden gevoegd. De registratiecommissie is gerechtigd om bij de begeleidende trainers nadere informatie in te winnen over de onder hun begeleiding gewerkte co-trainers.

5.2 Werken als zelfstandig trainer
De opleideling dient gedurende één jaar na het doctoraalexamen als zelfsandig werkend trainer te hebben gewerkt c.q. gediversifiseerde trainingen te hebben gedaan en minimaal gedurende 160 dagdelen per jaar te hebben gewerkt in direct cotact met trainers c.q. opdrachtgevers.

5.3 Supervisie
De opleideling dient gedurende een periode van drie jaar 30 uur supervisie te hebben gehad over trainingswerkzaamheden van een supervisor. Aan de supervisie worden de volgende eisen gesteld:

5.3.1 Omschrijving van de supervisie.
Onder supervisie wordt hier verstaan: het onder begeleiding werkzaam zijn in een (of meerdere) praktijksituatie (s) om de benodigde kennis, vaardigheden, houding en inzichten voor het beroepsgericht werken te verbeteren (deskundigheidsbevordering). Kritische reflectie over de wijze van het beroepsgericht handelen van de supervisant en de inbreng van kennis en ervaring van de supervisor staan centraal tijdens de uitwisseling en interactie tussen de supervisor en de supervisant.
De betrokkenen in het leerproces duiden we aan als de supervisant, dat wil zeggen degene die in eerste instantie het basismateriaal voor de kritische reflectie inbrengt schriftelijk en/of mondeling en de supervisor die zich, door zijn meerdere kennis en ervaring, richt op de verwerking van het materiaal op een zodanige manier dat het een belangrijke leerervaring is voor de supervisant.

5.3.2 Aard van de supervisie.
De supervisie kan individueel, dyadisch (met twee supervisanten) dan wel groepsgewijs (met meer dan twee maar maximaal vijf supervisanten) plaatsvinden. Voor de groepssupervisie geldt dat twee uur groepssupervisie gelijkwaardig is aan één uur individuele of dyadische supervisie. De supervisie heeft betrekking op trainingssituaties en al datgene wat direct of indirect met trainingssituaties samenhangt (bijvoorbeeld contacten met opdrachtgevers, keuze van deelnemers, opzet van trainingsprogramma's enzovoort).

5.3.3 Supervisiebijeenkomsten.
De supervisie vindt plaats door middel van supervisiebespreking. Voor deze bespreking wordt mondeling en/of schriftelijk materiaal ingebracht door de supervisant. Supervisor en supervisant maken afspraken over de wijze waarop materiaal voor de supervisiebesprekingen wordt ingebracht, en hoe dat materiaal wordt besproken. De supervisor kan verlangen dat de supervisant van tevoren een verslag voor elke supervisiebespreking als basismateriaal inlevert, en richtlijnen geven voor de opzet van de verslagen. De supervisor kan de supervisant vragen een verslag te maken van elke supervisiebespreking.
De duur van een supervisiebespreking is minimaal een uur. In totaal moet er minimaal 30 uur aan supervisiebesprekingen worden gehouden.

5.3.4 Verantwoording.
Nadat het vereiste aantal supervisiebijeenkomsten is gehouden wordt een evaluatieverslag gemaakt door de supervisor met een beoordeling van de supervisant over de beroepsgeschiktheid van de betrokkene voor de functie van trainer. Indien een supervisor tussentijds zijn functie beëindigt wordt over de supervisieperiode eveneens een evaluatieverslag gemaakt. Het evaluatieverslag wordt met de supervisant doorgesproken en bij de aanvraag voor de registratie overlegd aan de registratiecommissie. In het evaluatieverslag wordt onder meer vermeld welke thema's tijdens de supervisie aan de orde zijn gekomen, welke de zwakke en sterke punten van de supervisant zijn en welke ontwikkelingen de supervisant heeft doorgemaakt in het kader van zijn/haar beroepsuitoefening als trainer. De registratiecommissie is gerechtigd om bij de opsteller(s) van een evaluatieverslag informatie in te winnen. Indien de supervisie geheel of gedeeltelijk groepsgewijs is geschied moet voor elke deelnemer afzonderlijk een evaluatieverslag worden gemaakt.

5.3.5 De supervisor.
Voor de functie van supervisor komen in aanmerking geregistreerde gedragswetenschappelijk opgeleide trainers. De supervisor ontvangt een honorarium dat in overleg tussen supervisor en supervisant wordt bepaald. Het is wenselijk dat de supervisie door meerdere supervisoren wordt uitgevoerd.

6. Geldigheidsduur van de registratie

De registratie heeft een geldigheidsduur van zeven jaar. Elke geregistreerde Psycholoog-trainer ontvangt aan het einde van deze periode van zeven jaar bericht omtrent de herregistratie. De eisen voor herregistratie zullen separaat worden opgesteld. Wie aan deze eisen voldoet, zal opnieuw voor een periode van zeven jaar worden geregistreerd.

 

Registratieregeling Psycholoog-trainer